Het erfrecht is bij ons in het Burgerlijk Wetboek (BW) grotendeels geregeld. Wij noemen boek 4 van dat wetboek, waar het erfrecht in geregeld is, ook wel ons “woordenboek voor testamenten”. Want in testamenten worden veel wetteksten verwerkt om zeker te zijn, dat je de juiste woorden en regelingen gebruikt. Het is immers erg belangrijk dat de bedoelingen van de maker van een testament, de testateur, duidelijk zijn. Want de tekst moet toegepast worden als de testateur niet meer leeft. Je kunt er dan immers niet meer bij hem of haar naar vragen, een antwoord blijft uit.
Dwingend erfrecht
Soms is de wet van regelend recht en kun je afwijkende regelingen treffen. Op bepaalde punten is er echter sprake van dwingend recht, zodat een regeling nietig is, dus niet werkt, als je in strijd met de wet iets regelt. Zo zijn er bijvoorbeeld verboden beschikkingen als in artikel 59 lid 2 van boek 4 BW: “degene die een voor de verzorging of verpleging van bejaarden of geestelijk gestoorden bestemde instelling exploiteert of die daarvan de leiding heeft of daarin werkzaam is, kan geen voordeel trekken uit uiterste wilsbeschikkingen, welke zodanig persoon gedurende een verblijf in die instelling te zijnen behoeve heeft gemaakt.”
Een gecompliceerd testament
In april van dit jaar heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden uitspraak gedaan in het volgende geval: Kort na het overlijden van zijn echtgenote heeft vader op 80-jarige leeftijd een relatie gekregen met een 53-jarige vrouw. Deze vrouw verleende toen al een aantal maanden zorg aan vader via een thuiszorgorganisatie. Omdat de vrouw een relatie met een patiënt was aangegaan, is zij ontslagen door de thuiszorginstelling. Ondanks het ontslag heeft de vrouw volledig de zorg voor vader op zich genomen. Enkele maanden later heeft vader een testament opgesteld waarin beschikkingen ten gunste van de vrouw zijn opgenomen. Vervolgens hebben vader en de vrouw een half jaar later een huwelijk met elkaar gesloten.
Strijd om het testament
Na het overlijden van vader is tussen zijn kinderen en de vrouw onder meer een geschil ontstaan over de vraag of hier sprake is van een verboden beschikking als bedoeld in artikel 4:59 BW.
Volgens de rechter is dat hier het geval, omdat de vrouw gezondheidszorg aan vader verleende toen hij gemeld testament heeft opgesteld. Dat de vrouw niet BIG-geregistreerd was en (nog) niet over het vereiste diploma voor ziekenverzorgster beschikte is niet relevant voor de vraag of de vrouw als beroepsbeoefenaar op het gebied van de individuele gezondheidszorg in de zin van artikel 4:59 BW moet worden aangemerkt, dus al dan niet met een BIG-registratie. Van belang is dat zij er haar beroep van had gemaakt om individuele gezondheidszorg te verrichten. De vrouw verrichtte als zodanig feitelijk gedurende meerdere jaren hetzelfde werk als gediplomeerd ziekenverzorgende en daarmee bestond in dezelfde mate afhankelijkheid en risico van beïnvloeding van vader door de vrouw. Jarenlang heeft zij vader met een persoonsgebonden budget verpleegd en verzorgd vanuit de thuiszorg/wijkverpleging.
Gebleken is dat vader is overleden aan hartfalen en dat de vrouw hem heeft verzorgd gedurende de periode dat hij hartproblemen had en dat zij hem mede in verband daarmee verzorgde.
Uitzondering voor echtgenoten: Wat zegt de wet?
Een uitzondering op deze verboden beschikking wordt in de wet gemaakt tussen echtgenoten. De vrouw stelde dat deze verboden beschikking niet van toepassing was omdat zij met vader getrouwd was ten tijde van zijn overlijden. De rechter gaf aan dat uit de tekst en geschiedenis van de wet blijkt dat de betrokkenheid op het moment van het maken van het testament bepalend is voor de vraag of de begunstigde voordeel uit het testament kan trekken.
Gerechtshof beslist: geen uitzondering zonder huwelijk
Het Gerechtshof was hier duidelijk in: vader en de vrouw waren toen nog niet met elkaar getrouwd, zodat de uitzondering niet geldt en de beschikkingen ten gunste van de vrouw niet geldig zijn.
Neem contact op voor advies
Heeft u vragen of opmerkingen over dit artikel? Neem gerust contact met ons op. Dat kan telefonisch via 053-53-83-777 of mail naar info@poppinghaus.nl en maak een afspraak. Wij helpen u graag verder!
Contact